Adviesgebieden - waterbodem


Waterbodem

De meest voorkomende aanleiding voor het verrichten van waterbodemonderzoek zijn voorgenomen baggerwerkzaamheden. In deze gevallen dient de kwaliteit van de op te baggeren waterbodem te worden vastgesteld, met als uiteindelijk doel het bepalen van de verwerkingsmogelijkheden van de baggerspecie. Het te baggeren traject wordt hiertoe in zijn geheel bemonsterd en geanalyseerd.

Conform de 4e Nota Waterhuishouding (NW4) wordt vervolgens de produktkwaliteitsklasse vastgesteld (klasse 1 t/m 4+). De toetsingswaarden (voor zoete bagger) en de gehaltetoets (voor zoute bagger) gelden als criterium voor het wel of niet mogen verspreiden van baggerspecie. Bij overschrijding van de interventiewaarde (klasse 4) is nader onderzoek noodzakelijk. Indien de baggerspecie vanwege praktische of milieuhygiënische redenen niet kan of niet mag worden verspreid, kan de baggerspecie mogelijk op een andere wijze worden verwerkt (rijpen, landfarming, zandscheiding etc.), om geheel of gedeeltelijk hergebruik als grond of bouwstof mogelijk te maken. Bij sterk verontreinigd slib is verwerking en hergebruik niet altijd mogelijk. In dat geval moet de baggerspecie worden gestort in hiertoe ingerichte depots.

Een andere aanleiding voor het verrichten van waterbodemonderzoek zijn reguliere beheerstaken. In dat geval wordt de kwaliteit van de toplaag van de waterbodem onderzocht. Conform de NW4 wordt vervolgens de milieukwaliteit vastgesteld.